woensdag 5 september 2007

Esthetische transcedentie

Een leesclubje met leuke vrouwen die niet de geijkte boeken lezen. Zolang we maar een niet-geijkt maar wel boeiend en/of interessant boek kiezen is er geen vuiltje aan de lucht. Maar het boek dat we gisteravond bespraken had ons allen maar weinig kunnen boeien.
Maar iets uit het boek zal toch beklijven. Ik heb er een nieuwe term bij heb: esthetische transcendentie. Dat je - onder invloed van de omgeving, muziek, een kunstvoorwerp - opeens door hebt hoe het allemaal zit. Pure schoonheid. Het is goed zo. Hiervoor ben ik op aarde.
Het boek lezend begrijp ik dat ik nog onlangs zo'n ervaring had. En ik herinner me nog een moment of vijf in mijn leven dat ik met beide benen in het nu, me niet meer beseffend dat er een buitenwereld was, me compleet compleet voelde. De meeste momenten hebben met muziek te maken en de mooiste was in Praag.

Op 29 april 1991, op mijn 27ste verjaardag, concerteerde het USKO in de Tynkerk aan het mooiste plein in het centrum van de hoofdstad van toen nog Tjechoslowakije. We brachten de Hohe Messe van J.S. Bach. Het was koud en de kerk was onverwarmd. We droegen onder onze zwarte outfit alle kleren die we maar bij ons hadden. De fluitiste droeg handschoentjes zonder vingertoppen. Tussen de koorstukken in zaten we op de almaar kouder wordende stenen trappen. Het in groten getale toegestroomde publiek genoot aandachtig. Voor de meesten was geen zitplaats en iedereen droeg dikke jassen, sjaals en mutsen.
Het was niet ons mooiste concert. De instrumenten ontstemden in hoog tempo. Het tussendoor bijstemmen stoorde. Het koor bereikte een dieptepunt tijdens het angstig valse Confiteor. De solisten, in hun gewone concertoutfit - en dus waren vooral de dames véél te dun gekleed - hielden prachtig stand. De laatste sopraanaria begon. Daarna moet het koor nog drie zware stukken zingen. Concentratie vasthouden is dan ook het devies. Van het ene op het andere moment stroomden de tranen over mijn wangen. De muziek omwikkelde me als een extra jas en de gedachte 'houd op! je moet zo weer zingen!' hield niet stand. Ik was verbijsterd en intens gelukkig. Neus ophalen maakte geluid en was ondenkbaar. Zelfs de ogen afvegen met een mouw zou af kunnen leiden. Ik liet de tranen op mijn zwarte sjaal druppen. Naast me een lichte beweging. Ik keek mijn buurvrouw aan. Ook haar gezicht was nat.

1 opmerking:

Merlijn zei

Mooi! Stop in een fluwelen doosje, zo'n herinnering. Maar daar zat het vast al goed in verborgen.

 

blogger templates | Make Money Online